Rijkswaterstaat past afstandseisen voor windturbines langs vaarwegen aan op basis van nieuw onderzoek
Date
aug. 7 2026
Reading time
2minutes
Rijkswaterstaat heeft de beleidsregel voor de plaatsing van windturbines langs vaarwegen aangepast. De nieuwe afstandseisen sluiten beter aan bij de huidige generatie windturbines, waarvan de rotorbladen steeds groter worden. De actualisatie is gebaseerd op onderzoek van zowel TNO als MARIN naar de effecten van windturbines op radar- en scheepvaartveiligheid.
Bij de eerdere regelgeving gold een minimale afstand van 50 meter tot de rand van de vaarweg. Uit recent onderzoek bleek echter dat deze afstand bij moderne windturbines niet altijd voldoende is om radarecho's op vaarwegen te voorkomen. Dergelijke echo's kunnen het radarbeeld verstoren en daarmee een risico vormen voor een veilige scheepvaart.
Nieuwe afstandsnorm
Op basis van de onderzoeksresultaten introduceert Rijkswaterstaat een nieuwe minimumafstand: een halve rotordiameter plus 35 meter tot de rand van de vaarweg. Vanaf deze afstand veroorzaken windturbines geen radarecho's op de vaarweg en zijn zij vanuit het perspectief van scheeps- en walradar toegestaan. De aangepaste beleidsregel biedt daarnaast ruimte voor maatwerk. Indien een initiatiefnemer met aanvullend onderzoek kan aantonen dat een turbine op een kortere afstand geen negatieve effecten heeft op het radarbeeld, kan Rijkswaterstaat beoordelen of een uitzondering mogelijk is. Voor locaties met een verhoogd veiligheidsrisico, zoals bij sluizen, bruggen, stuwen, kruisingen en haveninvaarten, blijft de minimale afstand echter onverkort van kracht.
Rol van MARIN
MARIN voerde in opdracht van Rijkswaterstaat onderzoek uit naar het effect van windturbines op een veilige en vlotte scheepvaart. Daarbij zijn de gevolgen voor radarwaarneming, navigatie en verkeersafwikkeling op vaarwegen onderzocht. De resultaten hebben bijgedragen aan het inzicht welke afstanden nodig zijn om hinderlijke radareffecten te voorkomen en op welke locaties extra voorzichtigheid geboden is. Met de aangepaste beleidsregel ontstaat een duidelijker toetsingskader voor vergunningverleners en ontwikkelaars van windenergieprojecten. Tegelijkertijd blijft de veiligheid van de scheepvaart gewaarborgd.